Webshop 
 
  print
   
   
 
Simulatie
 
 
Zelfredzaamheid
 
 
Crisisbeheersing
 
   

Correctie en aanvulling op eerste casus referentiestudie [dec. 2007]

Geachte deelnemer aan de referentiestudie,

Op 5 december jl. hebben wij u een beschrijving van de eerste casus van de referentiestudie, de zogenaamde Heselden casus, toegestuurd. We hebben hier onlangs een uitgebreide en zeer nuttige reactie op ontvangen. Naar aanleiding daarvan zien wij ons genoodzaakt een correctie en enkele aanvullende opmerkingen te maken bij de omschrijving van deze casus. We hopen dat deze informatie voor u geen onoverkomelijke aanvullende activiteiten vergt.

Brand

In de casusomschrijving wordt uitgegaan van een brandvermogen van 2,04 MW over 1x6 m2 (=0,34 MW/m2). De breedte van de brand is echter verkeerd overgenomen van de afmeting zoals in Markatos et al. (1982) wordt genoemd. Dit moet zijn een breedte van 0,5 m in plaats van 1 m. Het oppervlak van de brand wordt daarmee 3 m2 in plaats van 6 m2. Het totale vermogen blijft 2,04 MW (=0,68 MW/m2).

Brandstof/straling

In de omschrijving van de casus is met opzet geen uitspraak gedaan over het stralingsaandeel in de brand. Uit de gegeven informatie is echter niet zonder meer af te leiden hoeveel straling er is vrijgekomen. In Markatos et al. (1982) wordt uitgegaan van een stralingsaandeel van 20%. Er is helaas geen aanvullende informatie beschikbaar over de kwaliteit van de toegepaste brandstof.

In deze casus is het belang van straling in de totale warmteoverdracht geringer dan normaal in de praktijk aan de orde zal zijn.

Geometrie

De geometrie zoals weergegeven in Figuur 2 in de beschrijving van de eerste casus kan vragen oproepen ten aanzien van het gebied voorbij x = 9 m, aangeduid als het buitengebied. De stippellijn geeft in dit geval aan dat er sprake is van het afsnijden van het buitengebied op enige afstand van de opening op x = 9 m. Hoe ver u dit buitengebied laat doorlopen is aan u. Dat geldt ook voor de hoogte van het buitengebied. In Figuur 2 van de eerder gestuurde beschrijving van de casus is deze afgesneden op dezelfde hoogte als het binnengebied. Dat kan dus hoger zijn. U mag daarbij aannemen dat de gevel in dat geval door zal lopen. In de bijlage (pdf-file) bij deze e-mail is deze mogelijkheid weergegeven.
In Figuur 1 van de beschrijving is een plattegrond van de casus gegeven. De zijwanden lopen hierbij door in het buitengebied, voorbij het rookscherm op x = 9 m. Ook zijn op deze tekening deuren aangegeven. U mag ervan uitgaan dat deze deuren hebben opengestaan tijdens de proef en dat er sprake is geweest van een zoveel als mogelijk tweedimensionale situatie. Dit is ook de oorspronkelijke intentie geweest voor de opzet van de proef en deze casus.

Tijdsduur

De proef heeft gedurende een tijdsduur van ongeveer 10 minuten relatief constante condities gekend ten aanzien van het brandvermogen. In werkelijkheid zal hier waarschijnlijk een verloop in zijn geweest. Voor de casus mag echter uitgegaan worden van een stationaire situatie.

Eenzelfde opmerking kan gemaakt worden voor het opwarmen van de constructie. In de casusbeschrijving wordt aangegeven dat hier een vaste temperatuur mag worden aangenomen voor vloer en plafond.

Metingen

In de omschrijving van de casus wordt aangegeven dat er experimentele data beschikbaar zijn voor vergelijking met de simulatieresultaten. Deze meetdata kennen een onnauwkeurigheid waar we in de beschrijving geen uitspraak over hebben gedaan. Onderstaand volgt daarom extra informatie hierover.

De luchttemperatuur wordt gemeten met thermokoppels. De invloed van de straling op de thermokoppels nabij de brand kan tot een aanzienlijke afwijking leiden. Markatos noemt in de vergelijking van de resultaten een waarde van 50K voor de onderste meetpunten nabij de vloer op x = 2,56 m.

Voor de luchtsnelheidsensoren geldt dat zij de horizontale component registreren, maar dan vanaf een snelheid van ongeveer 0,5 m/s.

Het moge duidelijk zijn dat een 1-op-1 overeenstemming van de gesimuleerde data met de gemeten data niet kan (en wellicht niet zou moeten) worden nagestreefd. Zij geven echter wel een goede indicatie van het stromingsbeeld.

Tot slot

De intentie voor de opzet van de eerste casus van deze referentiestudie was om te beginnen met een relatief eenvoudige situatie. Dit hebben wij geïnterpreteerd als een twee-dimensionale stationaire situatie. Hiervoor hebben wij gebruik gemaakt van de zogenoemde Heselden casus (met name publiek toegankelijk beschreven door Markatos et al. (1982)). Met deze case is in eerdere studies ervaring opgedaan.

Op basis van bovenstaande opmerkingen mag duidelijk zijn dat zelfs voor een dergelijke casus aanzienlijke eisen gesteld kunnen worden ten aanzien van het bekend zijn van de randvoorwaarden. Dit is zeker het geval wanneer het de intentie is om de metingen ter validatie in te zetten. Het is duidelijk dat wij een dergelijke validatie niet verlangen.

In plaats daarvan hopen wij dat de eerder gestuurde beschrijving, inclusief de hierboven gegeven aanvullingen, ons een indicatie geven van de mogelijke spreiding in de resultaten voor een dergelijk - in vergelijking tot veel andere situaties - relatief goed omschreven brandprobleem.

Op deze plaats willen wij nogmaals onze verontschuldiging uitspreken indien u naar aanleiding van bovenstaande (met name ook ten aanzien van de afmeting van de brand) aanpassingen en daarmee aanvullende werkzaamheden moet uitvoeren. Mocht deze correctie en aanvulling tot problemen leiden voor het tijdig (28 januari 2008) aanleveren van uw resultaten en de bijbehorende gegevens, wilt u dan contact met ons opnemen?

Vragen?

Voor vragen kunt u contact opnemen met de heer Marcel Loomans (m.g.l.c.loomans@tue.nl) of met mevrouw Mirjam van der Plas (mirjam.plas@nifv.nl).

Wij danken u hartelijk voor uw medewerking en begrip.

Met vriendelijke groet,

Marcel Loomans (TU/e)
Tony Lemaire (Efectis)
Mirjam van der Plas (NIFV)
Vincent van Vliet (NIFV)
 Nieuws
 Congresagenda
 Mijn NIFV
 

 Zoek
 
 
 
 
   
  Contact    Mijn NIFV    Disclaimer    Sitemap    Help